Het andere dat ik mensen vaak hoor zeggen, naast het hartverscheurende ‘dat zou ik echt niet kunnen’, is dat ze zelf ook graag een boek zouden willen schrijven. Een boek! Nou dan heb je meteen mijn aandacht, naast schrijven en redigeren houd ik me namelijk bezig met de nobele kunst van tsundoku. Het verzamelen van boeken zonder ze te lezen.
Zonder gekheid, drie van de vier muren van mijn woonkamer zijn gevuld met boekenkasten en de boeken staan op kleur en nee, ik heb niet alles gelezen. Ik hou gewoon van boeken. Van de kaft, het papier, de dikte, de inhoud. Het verhaal. Dus als je ‘boek’ zegt ga ik aan. Helemaal als je een boek wil schrijven. Waar zit je in je proces, vraag ik. Mag ik je personages ontmoeten, heb je een synopsis, een meelezer? Maar dan kijken ze me vragend. Ze hebben geen tijd, het werk, de kinderen, ze hebben al zoveel hobby’s. Soms moeten wensen wensen blijven, nou vooruit. Ondertussen verdwijnt er een verhaal in een sierlijke spiraal zo het afvoerputje in.
Nou geloof ik ook, en nu wordt het een beetje riskant, dat als een verhaal het levenslicht moet zien, als de noodzaak hoog genoeg is, dat het dan opduikt in de buurt van iemand die wel tijd heeft. Voor wie schrijven noodzakelijk is. Zo zie ik het als mijn plicht om intieme gesprekken die over de speaker worden gevoerd in de stiltecoupé te verwerken in een verhaal of in een blog over intieme gesprekken in de stiltecoupé. Maar liever schrijf ik op verzoek. Zodat iemand die zichzelf allerlei excuses heeft aangemeten om maar niet te schrijven, om maar niet het eigen verhaal aan papier toe te vertrouwen bij mij aan kan kloppen. Doe via mij je verhaal.
We overleggen wat je ermee wil. Wil je er samen aan werken of wil je dat ik ingrijp? Ik werk in je kantlijn, nooit in je tekst zelf, tenzij noodzakelijk. Doe via mij je verhaal en we kloppen het zand uit de groeven, zetten de hogedrukreiniger erop en dan zal je zien dat je kan vertellen.
En oh ja, voor het grote bloggen over dagelijkse dingen gaat beginnen, nog even dit. Laten we verhalen maken en publiceren loskoppelen van elkaar. Laten we eerst weer verhalenverteller worden voor we in grote stapels bij de boekwinkel liggen. Hoe belangrijk ik boekwinkels ook vind, begin nooit aan je verhaal met een kaft als doel. Begin aan je verhaal om je verhaal. Dat is het oer, het meest basale, het meest primaire belang van schrijven. Begin bij die klont aan informatie, dat beeld, dat personage, die anekdote in de stiltecoupé. Begin daar. Ik eindig deze tweede ouverture met een van de beste adviezen die ik ooit heb gekregen wat betreft het schrijven. L. Paris, schrijfster van 365 dingen die je als boekenlezer wil weten, docent schrijftraining aan de Schrijversvakschool zei het en dus is het zo: ‘jullie weten het, kinders,
BLIJVEN ZITTEN!’
