Het is toch de moeite waard om een reeks aan te maken geloof ik, ik heb weer iets meegemaakt. Dus kom bij het vuur zitten, de R is nog lang niet in de maand, maar we kunnen best alsof doen. Kom en luister.
Al zeven jaar woon ik in mijn huisje op de hoek. Al zeven jaar krijg ik om de zoveel tijd post van Bol geadresseerd aan de vorige bewoonster, of de vorige-vorige bewoonster of de vorige-vorige-vorige bewoonster, geen idee. Hoe dan ook, ik krijg post van haar. Meestal blijft het bij één enveloppe en dan blijft het daarna een tijdje stil. Soms volgen er relatief kort na de eerste enveloppe een tweede en een derde. Nou ben ik zelf ook niet zo goed in adressen wijzigen, mijn vorige verhuizing vond nogal abrupt plaats, maar zo onderhand heb ik de boel wel op orde. Mevrouw Enveloppe, zo heet ze niet, maar AVG hè? heeft al zeven jaar haar adres niet gewijzigd en ook dat is niet erg, als in die tweede en derde enveloppe geen betalingsherinneringen zouden zitten. En je voelt al aan je water dat dat dus wel het geval is.
Dus toen eind vorige week de derde enveloppe op de mat lag, besloot ik voor de zoveelste keer aan de bel te trekken bij Bol. Bol kan je niet meer bellen, Bol is zo groot geworden dat je eerst een Chatbot moet raadplegen die standaard je vraag niet begrijpt en tegen de tijd dat je doorhebt hoe je je vraag moet formuleren om een levend iemand te schrijven, ben je best een tijdje verder. Maar mijn weerzin voor deurwaarders is groter dan de frustratie van het communicatiesysteem van Bol, dus ik liet het me aanleunen.
De mevrouw aan de andere kant van de lijn hoorde mijn verhaal aan, wilde een foto van de factuur en allerlei nummers en gaf aan dat er verder niet veel aan gedaan kon worden. Ik wist dat het zou gaan zoals het ging, want zo gaat het al zes jaar. Minstens één keer per jaar laat mevrouw Enveloppe haar zaken immers zo ver verslonzen dat ik er ongemakkelijk van word en de spreekwoordelijke brievenopener ter hand neem. Nou weet ik best dat deurwaarders eerst een brief schrijven en dat ik daar dan op moet reageren, maar wat als ik net een paar dagen weg ben? Het zal vast irrationeel zijn, maar ik zie verdere radicale stappen van die arm van de wet niet zitten. Ik heb teveel Lord of the Rings gekeken, denk ik. Ze zullen heus niet 1-2-3 met Grom aan komen kakken, maar toch. Ik zit niet te wachten op dat gedoe.
Vandaag viel de v i e r d e enveloppe op de mat en toen zakte me de moed een beetje in mijn schoenen. Na jaren enveloppen ‘retour afzender’ sturen, meldingen maken bij Bol, op internet speuren naar mevrouw Enveloppe nam het balen de overhand. Opnieuw onderging ik de chatbot van Bol en uiteindelijk kreeg ik een dame met een Oosterse naam te spreken. Te schrijven. Het werd hetzelfde riedeltje. Enveloppe openmaken, nummers en getallen en aanhoren dat, als de deurwaarder zich roert, ik me geen zorgen hoef te maken, want ik ben haar niet. Ik had gedaan wat ik kon. Ik heb zelfs een in Den Bosch wonende Facebookgebruikster met dezelfde naam een privéberichtje gestuurd met de vraag of zij was wie ik dacht dat ze was en dat ze even haar mail moest checken om groter leed te voorkomen. Ik klapte de laptop dicht en begon aan de ovenschotel. Want tja, als we bij het vuur zitten te kleumen, gaan we ovenschotel eten ook, nondeju.
Dus ik braad het vlees, snijd de spinazie, maak de saus, warm de oven op. Ontdooi de aardappelschijfjes, breek de eitjes lalala, winterse kost. Kom ik terug de woonkamer in, ben ik in dat halve uur DRIE keer gebeld door een 030 nummer. ‘Kut,’ dacht ik, ‘weer KPN.’ Maar het was KPN niet, het was de Aziatische mevrouw van Bol waar ik net mee had zitten chatten. Dat wist ik omdat ze me voor de vierde keer belde terwijl ik verbaasd naar mijn scherm keek en mijn nieuwsgierigheid niet kon bedwingen. In gebrekkig Nederlands vertelde onze heldin dat ze mevrouw Enveloppe had gebeld. Niet één keer, vier keer. Vier. Net zolang tot ze opnam en onze heldin de huid vol schold en wegdrukte. Holy shit. Dit was anders dan alle vorige keren dat ik bij Bol aanklopte.
Tijd om te juichen kreeg ik niet. Onze heldin was overduidelijk geraakt door de scheldpartij en van OH (wat fijn) moest ik halsoverkop doorschakelen naar OH (wat vreselijk voor u). Terwijl ze tot in De kleinste details haar verhaal deed en conclusies trok over hoe doelbewust mevrouw Enveloppe handelde, werd haar stemmetje steeds kleiner en ik hoorde hoe de lawine van shit van mevrouw Enveloppe onze heldin met terugwerkende kracht bij de enkels afzaagde. Maar ik hoorde ook dat ze tegen mevrouw Enveloppe had gezegd dat mevrouw Gwen (dat ben ik) het vervelend vond steeds verkeerd geadresseerde post te ontvangen. Ik kon niets voor haar doen dan luisteren, maar ondertussen dacht ik ook: als mevrouw Enveloppe van dat kaliber is… ze weet waar ik woon en als ze zich in het nauw gedreven voelt… We hingen op. Wederom met het advies om, zodra de deurwaarder over de brug komt, aan de bel te trekken.
Het eerste wat ik deed was mijn fiets binnenzetten en de deurbel uitschakelen. Ik doe vanaf nu alleen open voor mensen die zich van tevoren melden. Ik zuchtte. At mijn ovenschotel. Nam nog een tweede portie. Zette een kopje thee. Nam er een bonbonnetje bij. Bekeek de opengemaakte betalingsherinnering. Wat bekt haar naam lekker. Mag natuurlijk niet zeggen hoe ze heet, maar haar achternaam rijmt heerlijk. Oh shit.
Sinds een week of wat, sinds lezen weer een beetje gaat, wurm ik me door the Artist’s Way van Julia Cameron. Een Amerikaans boek vol schreeuwerige successen (rode klaproos), maar in de kern klopt het wat ze schrijft. Voor mij werkt het. Ik ben braaf gaan doen wat ze schreef: iedere ochtend de Morning Pages, drie bladzijdes volkalken. Niet nadenken over wat je schrijft, gewoon schrijven hoppa. Dus ik zet de avond ervoor thee in een thermos, zet deze naast mijn bed en de volgende ochtend, om kwart over 6, zodra de wekker kraait, klim ik met mijn slaperige hoofd in de pen. Bakkie thee erbij. En sinds ik dat doe merk ik dat er inderdaad iets op gang aan het komen is. Iets wat school overstijgt, iets wat uit mij komt, waar ik lol aan beleef, spelen met woorden. Nou, ik zal je vertellen, haar achternaam rijmt dus op uit. Weet je HOEveel woorden er op uit rijmen? Dat zijn er heel veel. En weet je waar dit hele gedoe over te doen is? Over een parasol. Weet je hoe leuk parasol op Bol rijmt!? En op Den Bosch rijmt de klos. En op ‘waarder van de deur’ kan best ‘hele hoop gezeur’ volgen. Voor ik het wist was ik ‘if you’re happy and you know it’ aan het neuriën. Heeft er iemand toevallig een ukelele bij zich?
Een dame in Den Bosch zat in de zon. Klap klap. Een dame in Den Bosch zat in de zon. Klap klap.
Ze zei ik moet een parasol en ik koop die dus bij Bol, zei die dame in Den Bosch al in de zon. Klap klap.
Die dame in Den Bosch betaalde niet. Klap klap. Die dame in Den Bosch betaalde niet. Klap klap.
De factuur viel op de mat bij de een of andere schat en die was ‘t na zeven jaren ronduit zat. Klap klap.
Dit lied is voor een dame uit Den Bosch. Klap klap. Dit lied is voor een dame uit Den Bosch. Klap klap.
Die het leuk vindt om te kopen en betaling te ontlopen ja dit lied is voor een dame uit Den Bosch.
En Gwen die houdt zich aan de AVG. Klap klap. En Gwen die houdt zich aan de AVG. Klap klap.
Maar haar naam rijmt op kanonne en haar achternaam is groen en daar moet Gwennepen het maar mee doen. Klap klap.
Straks staat de lange arrem voor mijn deur. Klap klap. Straks staat de lange arrem voor mijn deur. Klap klap.
Dan krijgen ze wat koffie en een klein glaasje likeur en zeven jaren opgekropt gezeur.
Ik heb zo onderhand de slappe lach. Klap klap. Ik heb zo onderhand de slappe lach. Klap klap.
Toch ga ik nog even door, zie het als een metafoor en hopelijk ga jij ook overstag:
Van achteren heet zij dus okselknop. Klap klap. Van achteren heet zij dus okselknop. Klap klap.
Geen kind dat dit ooit vreet, lange tanden bij de vleet, maar het rijmt zo lekker fijn op envelop. Doei!
