of, fuck hulp
Nu de site af is, is het natuurlijk zaak om kritisch te kijken naar wat ik ermee wil. Al moet ik toegeven dat voor mij het belangrijkste het weblog is, zodat ik weer zonder schroom avonturen kan delen. Maar uiteindelijk wil ik natuurlijk meer met woordjes doen.
Ik wil ook wel betaald iets met woordjes doen. School is immers best een dure hobby, zou het niet erg vinden als ik op een leuke manier mezelf wat ademruimte kan bieden.
En dus tikte ik laatst op een link naar een door de provincie gespekte loopbaanbegeleider. Gewoon uit nieuwsgierigheid naar wat dat dan kan doen. Wie ik daar ontmoet, hoe dat werkt. Prompt wemelt het op Facebook van de loopbaanbegeleiders. Loopbaanbegeleiders/coaches voor vrouwen, loopbaanbegeleiders/coaches voor creatievelingen, loopbaanbegeleiders/coaches voor (bijna) 50+ers, loopbaanbegeleiders/coaches voor mensen met een Niet Aangeboren Hersenafwijking. En allemaal hebben ze een link naar een gratis online training die mij ZEKER weten meer klanten oplevert en mijn bedrijf laat groeien. En ik denk alleen maar, ik wil helemaal niet groeien jongens. Ik wil alleen maar af en toe iemand die het worstelen met woorden zat is uit de brand helpen. Eigenlijk wil ik zelfs helemaal niet helpen. Ik heb per definitie een hekel aan het woord helpen. Hoe vaak zegt iemand die net iets stoms gedaan heeft niet: ‘ik wilde alleen maar helpen!’ Waarop jij als slachtoffer van die stomme actie niks meer kan zeggen, want de intentie was zo goed.
Wat ik wil is dat mensen twee, drie keer naar hun tekst kijken en dan zeggen: fuck dit, ik bel Gwennepen. Of naar een wit vel staren en dan zeggen: fuck dit, ik bel Gwennepen. Mensen die over hun website twijfelen: fuck dit, ik bel Gwennepen. Studenten die naar hun werkstuk turen: fuck dit. Brieven die ongeschreven blijven: fuck dit. Verhalen die vastlopen: fuck dit. En dan sturen ze die tekst en dan kijk ik er naar en dan vraag ik: wil je dat ik A herschrijf of wil je dat ik B opmerkingen plaats en jij het zelf herschrijft? En dan kiezen ze A of B en dan klooi ik lekker met woordjes, stuur het terug en dan betalen ze met een Boekenbon. Ik hoef niet te groeien, want ik heb alles al. (Noot: dit geldt niet voor boeken, ik kom altijd boeken tekort. Altijd.) Ik hoef geen ander werk, want ik heb een leuke baan. Ik hoef niet meer, ik hoef niet groot, maar ik ben wel toe aan een nieuwe zomerjas. Dus misschien zijn Boekenbonnen niet zo’n goed idee. VVV-bonnen dan. Of een Hema-bon. Ik wil geen podcast maken over hoe belangrijk taal is, want die zijn er al g e n o e g. Ik wil de docent niet uithangen, ik wil je niets leren, soms moet er gewoon zonder poespas een goeie tekst komen, klaar.
Als ik dit nou af en toe mag doen in combinatie met het werken in die idiote winkel van me en daarnaast ruimte heb voor huiswerk, dan ben ik simpelweg een gelukkig mens. Maar goed, niet vies van een beetje avontuur heb ik morgenochtend mijn eerste online masterclass waarin ik ga leren waar mijn hart ligt. En nu ga ik mijn haren wassen zodat ik er morgen netjes uitzie. Want na drie dagen winkel is mijn knot zo ingezakt dat het meer een bosje stro lijkt dan een weelderige coupage.
